Artikel
Garikai Chengu
Printvriendelijke versie
De erfenis van Winston Churchill
Foto: Cecil Beaton

De erfenis van Winston Churchill

Winston Churchill, 'de grootste Brit aller tijden', liet een erfenis van globale conflicten en misdaden tegen de menselijkheid na. Zondag 24 januari 2016 was het de verjaardag van het overlijden van een van de meest bewierookte leiders in de Westerse wereld: Sir Winston Churchill. De huidige Britse eerste minister, David Cameron, omschreef Churchill op een herdenkingsplechtigheid als “de grootste eerste minister ooit”, en de Britten verkozen hem onlangs nog tot de grootste Brit die ooit geleefd heeft. Het verhaal dat de Britse schoolboeken vertellen aan de kinderen over Churchill schetst een Britse bulldog met een ongeëvenaarde morele moed en een diep patriottisme die de Nazi's versloeg tijdens Wereldoorlog II en beschaving bracht aan inheemse volkeren in alle hoeken van de wereld. Historisch gezien staat dit beeld echter zeer ver verwijderd van de waarheid.

Racist

Voor een groot deel van de wereld -het deel van het voormalige Britse rijk waar de zon nooit onderging- blijft Winston Churchill een belangrijk symbool van de racistische Westerse imperialistische tirannie. Hij stond aan de verkeerde kant van de geschiedenis. De mythe van Churchill is Groot-Brittannië's grootste propaganda-instrument omdat het de ware geschiedenis van de man herschrijft met als doel de Britse imperialistische misdaden tegen de menselijkheid uit het verleden te verschonen. De Churchill-mythe bestendigt ook Groot-Brittannië's aanhoudende neokoloniale en neoliberale beleid, dat tot op vandaag die mensen in de wereld schade toebrengt die Churchill zogezegd hielp civiliseren.

Dezelfde man wiens gepolijste imago symbool staat voor alles wat goed is aan Groot-Brittannië was onbeschaamd racistisch en een pleitbezorger van de blanke suprematie. “Ik haat Indiërs, het zijn beestachtige mensen met een beestachtige religie”, bulderde hij ooit. Ook volgens Churchill waren de Palestijnen simpelweg “barbaarse hordes die niet veel meer dan kamelenmest eten”. In 1937 verklaarde hij voor de 'Palestine Royal Commission': “Ik wil bijvoorbeeld niet toegeven dat er een groot onrecht is aangedaan aan de Rode Indianen van Amerika of de zwarte bevolking van Australië. Ik geef niet toe dat deze mensen onrecht is aangedaan door het feit dat een sterker ras, een hoogwaardiger ras, een meer wereldwijs ras om het zo te stellen, gekomen is en hun plaats heeft ingenomen.”

Toen Barack Obama president werd in 2009, stuurde hij een buste van Churchill die hij gevonden had op zijn nieuwe bureau in het Oval office terug naar Groot-Brittannië. Dat is niet zo verrassend. Volgens de historicus Johann Hari werd Obama’s Keniaanse grootvader, Hussein Onyango Obama, twee jaar opgesloten zonder proces en gefolterd omdat hij zich had durven verzetten tegen Churchills rijk.

Staatsterreur

Naast het feit dat hij een verstokt racist was, was Churchill ook een fervente voorstander van het gebruik van terreur als een oorlogswapen.

Naast het feit dat hij een verstokte racist was, was Churchill ook een fervente voorstander van het gebruik van terreur als een oorlogswapen. Tijdens de Koerdische opstand tegen de Britse dictatuur in 1920 merkte Churchill op dat hij de “teergevoeligheid” rond het gebruik van gas als een wapen van terreur door het beschaafde Groot-Brittannië simpelweg niet begreep. “Ik ben een groot voorstander van het gebruik van gas tegen ongeciviliseerde stammen. Het [gas] zou een levendige terreur verspreiden”, stelde hij. In hetzelfde jaar stuurde Churchill in zijn hoedanigheid van minister van Oorlog de beruchte 'Black and Tans' naar Ierland om te vechten tegen de IRA. (Officieel heetten de Black and Tans de 'Royal Irish Constabulary Special Reserve', een tijdelijke macht van agenten die speciaal aangeworven werd om de Britse gewapende politie bij te staan in de Ierse onafhankelijkheidsoorlog). De Black and Tans werden berucht om hun wrede terreuraanvallen op burgers en burgerinfrastructuur, die vergoelijkt en aangemoedigd werden door Churchill.

Terwijl de Britten vandaag de nalatenschap van Churchill vieren, rouwt het grootste deel van de niet-Westerse wereld om de erfenis van een man die erop stond dat het de heilige plicht was van Groot-Brittannië om verre landen te veroveren en te plunderen omdat -in Churchills eigen bewoordingen- het Britse “Arische ras voorbestemd is om te triomferen”.

Midden-Oosten

Churchill’s erfenis in het Verre Oosten, het Midden-Oosten, Zuid-Azië en Afrika is er zeker geen van een minzame Britse weldoener die de bedoeling had beschaving te verspreiden onder de inboorlingen van de wereld. Voor mensen uit deze regio's kunnen het imperialisme, racisme en fascisme van een man als Winston Churchill verantwoordelijk gehouden worden voor een groot deel van de aan de gang zijnde conflicten en instabiliteit in de wereld. Zoals Churchill zelf pochte creëerde hij “Jordanië met een enkele pennenstreek op een zondagmiddag”. Daardoor kwamen heel wat Jordaniërs onder de brutale duim van de troonloze Hashemitische prins Abdullah te zitten. Historicus Michael R. Burch herinnert eraan hoe de enorme zigzag in Jordanië's oostelijke grens met Saoedi-Arabië “Winstons hik” of “Churchills nies” genoemd wordt omdat Churchill de grens achteloos trok na een copieuze lunch. Churchill was ook de uitvinder van Irak. Nadat hij Jordanië aan prins Abdullah gegeven had, schonk Churchill -als grote aanhanger van de democratie- een arbitrair stuk woestijn, nl. Irak, aan Abdullahs broer Faisal. Faisal en Abdullah waren oorlogsmaatjes van Churchills vriend, T. E. Lawrence, de beroemde 'Lawrence of Arabia', de Britse schrijver en militair die tijden de Eerste Wereldoorlog een deel van de Arabieren overtuigde om aan de kant van de Britten te vechten tegen de Ottomanen (bondgenoot van de Duitsers).

Net zoals de onhandige acties van het huidige grote rijk, de Verenigde Staten, in Irak, veroorzaakte Churchills imperiale buitenlands beleid decennia van instabiliteit in Irak door drie strijdende etnische groepen arbitrair bij elkaar te voegen. Churchill verplichte de drie Ottomaanse vilayets (lokale bestuursniveaus) van Basra (voornamelijk sjiitisch), Bagdad (hoofdzakelijk soennitisch) en Mosul (grotendeels Koerdisch) om samen een natiestaat te vormen. Als je vandaag rondvraagt wie er verantwoordelijk is voor de onstabiele puinhoop waarin Irak zich bevindt, dan zal het antwoord waarschijnlijk “Bush” of “Amerika” luiden, maar als je aan de ouderen in Irak zelf vraagt wie er de afgelopen eeuw voornamelijk verantwoordelijk is voor de problemen van hun land, dan zullen ze waarschijnlijk “Churchill” zeggen.

Winston Churchill riep in 1912 de Conferentie van Cairo bij elkaar, vastbesloten om de grenzen van het Britse koloniale mandaatgebied in het Midden-Oosten te bepalen. T.E. Lawrence was de meest invloedrijke afgevaardigde. Er werd geen enkele Arabier uitgenodigd voor deze conferentie, wat schokkend is maar niet verwonderlijk aangezien Churchill in zijn memoires stelde dat hij de Arabieren nooit consulteerde over zijn plannen voor hen. De arbitraire grenzen die door het Churchilliaanse imperialisme getrokken werden in het zand van het Midden-Oosten zouden de tand des tijds nooit doorstaan. Tot vandaag hebben de acties van Churchill de Jordaniërs, Irakezen, Koerden en Palestijnen alles ontzegd wat lijkt op een echte democratie en beroofd van nationale stabiliteit.

Het hardnekkige Israëlisch-Palestijns conflict kan ook teruggevoerd worden naar de Britse premier Churchill, meer bepaald naar zijn beslissing om het “Beloofde Land” zowel aan de Arabieren als de Joden af te staan. Churchill bracht de Balfour-Verklaring van 1917 in de praktijk. Deze verklaring uitte de steun van Groot-Brittannië aan de creatie van een Joods Thuisland, maar ging regelrecht in tegen een andere Britse overeenkomst, de McMahon–Hussein Correspondentie, die de Arabieren na de Eerste Wereldoorlog onafhankelijkheid en zelfbeschikking beloofde. Dit resulteerde in de grootste vergissing van het Britse buitenlands beleid in het Midden-Oosten.

Afrika

Churchills beleid in sub-sahara Afrika en in het bijzonder in Kenia heeft ook diepe littekens nagelaten die tot vandaag doorwerken. Terwijl Churchill een van de meest geciteerde mannen in de Engelstalige wereld is geworden, in het bijzonder rond kwesties als democratie en vrijheid, heeft de ware geschiedenis het over een man wiens daden bestonden uit “een heleboel gezellige kleine oorlogen tegen barbaarse volkeren”, aldus Churchill zelf. Een van deze oorlogen was de strijd van de Kikuyu Kenianen voor hun vrijheid en onafhankelijkheid van het Britse koloniale rijk. Churchill noemde hen “brutale wilde kinderen” en verwees 150.000 van hen naar “Groot-Brittannië's goelag”, de detentiekampen voor de rebellen. Pulitzer-prijs winnares en historica, Professor Caroline Elkins, legt Churchills vele misdaden in Kenia bloot in haar boek 'Britain’s Gulag: The Brutal End of Empire in Kenya'. Professor Elkins legt uit hoe de soldaten van Churchill “Mau Mau verdachten afranselden, neerschoten, verbrandden en mutileerden”, allemaal in naam van de Britse 'beschaving'. Naar verluidt zou president Obama's grootvader Hussein Onyango Obama nooit echt hersteld zijn van de folteringen die hij onderging in de handen van Churchills mannen.

Azië

Nobelprijswinnaar Economie, Amartya Sen, heeft bewezen hoe Churchill in 1943 in Bengalen een van de ergste hongersnoden in de menselijke geschiedenis orkestreerde om er winst uit te slaan. Meer dan 3 miljoen burgers stierven van de honger terwijl Churchill weigerde om voedselhulp naar India te sturen. In plaats daarvan bazuinde Churchill rond dat “de hongersnood hun eigen schuld was omdat ze kweekten als konijnen”. Churchill potte ondertussen bewust graan op om het met winst te kunnen verkopen op de open markt na de Tweede Wereldoorlog in plaats van er voor te zorgen dat het terecht kwam bij de stervende inwoners van een natie die onder Brits bestuur viel. Churchills acties in India vormen ontegensprekelijk een misdaad tegen de menselijkheid.

Churchill was een van de grootste pleitbezorgers van Groot-Brittannië's verdeel-en-heers-beleid in het buitenland. Zijn regering creëerde en verergerde bijvoorbeeld met opzet de sektarische breuklijnen binnen India's onafhankelijkheidsbeweging.

Churchill was ook een van de grootste pleitbezorgers van Groot-Brittannië's verdeel-en-heers-beleid in het buitenland. Zijn regering creëerde en verergerde met opzet sektarische breuklijnen binnen India's onafhankelijkheidsbeweging tussen de Indische hindoes en moslims. Deze breuklijnen hebben sindsdien verwoestende effecten gehad op de regio. Voorafgaand aan India's onafhankelijkheid van Groot-Brittannië stond Churchill te popelen om een bloedbad te zien uitbreken in India. Zo zou hij kunnen bewijzen dat zijn land de weldadige “lijm was die de natie samenhield”. Een bloedbad had volgens Churchill ook het extra strategisch voordeel dat het zou leiden tot de opdeling van India. Churchill hoopte dat Pakistan na deze opdeling onder de Britse invloedssfeer zou blijven vallen, want dat zou er voor zorgen dat de 'Great Game' (het geostrategisch spel met als inzet de invloed in de wereld) tegen het Sovjetrijk verder gezet kon worden, ongeacht de prijs die onschuldige Indiërs en Pakistani's daarvoor zouden moeten betalen. De breuk tussen India en Pakistan veroorzaakte de dood van ongeveer 2,5 miljoen mensen en ontheemde zo'n 12,5 miljoen anderen. Volgens de schrijver Ishaan Tharoor, vergeleek Leopold Amery, de minister voor Brits India onder Churchill, het begrip van de problemen in India van zijn eigen baas met de onverschilligheid van koning George III voor de Amerikas. In zijn persoonlijke dagboeken ventileerde Amery dat Churchill wat het onderwerp India betreft “niet helemaal geestelijk gezond is” en dat hij “niet veel verschil zag tussen Churchills visie en die van Hitler.”

Eugenetica

Churchill had veel meer ideologische gemeenschappelijkheden met Hitler dan de meeste Britse historici willen toegeven. Churchill was bijvoorbeeld een fervent voorstander van de eugenetica (het wetenschappelijk onderzoek naar het verbeteren van de genetische samenstelling van een bevolking). Hij had deze passie gemeen met het leiderschap van Nazi-Duitsland, dat naar schatting 200.000 gehandicapte mensen vermoordde en het dubbele aantal verplicht liet steriliseren. Churchill stelde in eigen land ook een zeer controversieel wetsontwerp op dat mandateerde dat de geesteszieken onder dwang gesteriliseerd zouden worden. In een memo uit 1910 gericht aan de toenmalige Britse eerste minister Herbert Henry Asquith waarschuwt Winston Churchill: “De vermenigvuldiging van de zwakken van geest is een zeer groot gevaar voor het ras”. Hij hielp ook de Internationale Eugenetica Conferentie van 1912 organiseren, de grootste bijeenkomst van voorstanders van de eugenetica in de geschiedenis.

Churchill had een overtuigd geloof in raciale hiërarchieën en eugenetica. Volgens zijn visie stonden blanke protestantse Christenen helemaal bovenaan de piramide, vlak boven de blanke katholieken, terwijl Joden en Indiërs zich maar een trapje hoger dan de Afrikanen bevonden. Historicus Hari merkt terecht op: “Het feit dat we nu in een wereld leven waarin een vrij en onafhankelijk India een supermacht is die Groot-Brittannië overvleugelt en waarin een kleinzoon van de Kikuyu-‘wilden’ de machtigste man op aarde is, is een verwerping van Churchill op zijn lelijkst -en een zoete ironische overwinning voor Churchill op zijn best.”

Conclusie

Te midden van de tegenwoordig jaarlijks terugkerende parades en feestelijke toespraken ter ere van Churchill, kiezen de Britse media en schoolboeken er voor om uitsluitend zijn oppositie tegen de dictatuur in Europa te onthouden. De rest van de wereld kan er echter niet voor kiezen om de invoering door Churchill van een dictatuur over mensen met een donkere huidskleur buiten Europa, te vergeten. Een groot deel van hen leeft immers nog altijd met de gevolgen.

In plaats van de grootmoedige Britse leider te zijn die op de wallen van de beschaving stond, was Winston Churchill maar al te vaak terug te vinden aan de verkeerde kant van de geschiedenis. Churchill is inderdaad de grootste Brit die ooit geleefd heeft, omdat de mythe van Churchill decennialang gediend heeft als Groot-Brittannië's grootste propagandamiddel om de (blanke) nationale trots en de Britse imperiale cultuur te verheerlijken.

Garikai Chengu is een academicus aan de Universiteit van Harvard.

Dit artikel werd in het Engels gepubliceerd op www.globalresearch.ca

steun ons

© 2020 vrede vzw - website by