Wie profiteert van de aanval op Gaza

Gaza
Solidariteitsactie voor Palestina, 12 mei, Brussel, Foto: SVM
Wie profiteert van de aanval op Gaza
Artikel
7 minuten

Netanyahu’s politieke problemen en een wapenindustrie die erop gebrand is haar nieuwe waren uit te testen op de Gazanen kunnen de recente escalatie van het geweld mee verklaren.

“Beide partijen moeten de-escaleren” en “Niemand heeft hier baat bij”. Uitspraken als deze hoor je veelvuldig van commentatoren, verkozen functionarissen, regeringswoordvoerders en in de reguliere media als er geweld uitbreekt in Israël-Palestina.

De afgelopen dagen hebben Israëlische aanvalsvliegtuigen, gewapende drones en tankartillerie al meer dan 119 Palestijnen gedood in de belegerde en geblokkeerde Gazastrook – 31 van hen waren kinderen. Bij raketvuur vanuit Gaza kwamen 8 Israëli’s, waaronder 1 kind, om. Het is gemakkelijk om te zeggen dat niemand hier baat bij heeft. Maar dat is niet waar.

Benjamin Netanyahu, Israëls eerste minister, heeft heel wat te winnen bij deze aanval, die hem onder meer uit de gevangenis kan houden. Algemener bekeken, zaten de Israëlische militaire strategen te wachten op een zoveelste aanval op Gaza. En voor de wapenfabrikanten van Israël is het offensief tegen Gaza wat het vooraanstaande Israëlische dagblad Ha’aretz een goudmijn noemt.

Een reeks provocaties

Het is belangrijk om de specifieke factoren te begrijpen die hebben geleid tot de huidige escalatie van Israëls gruwelijke luchtoorlog tegen Gaza. De raketbeschietingen van Hamas die startten op 10 mei komen niet uit het niets. Het was een reactie op de aanvallen van de Israëlische politie en kolonisten op Palestijnen in Jeruzalem en ook in een groot deel van de Westelijke Jordaanoever.

De raketbeschietingen van Hamas die startten op 10 mei komen niet uit het niets.

Deze aanvallen omvatten het vernietigen van woningen om Palestijnen te verdrijven en de aanhoudende dreiging van uitzetting voor Palestijnse families in de Sheikh Jarrah-wijk van het bezette Oost-Jeruzalem. Ze omvatten ook het ontzeggen van de toegang aan Palestijnen tot de Damascus-poort van de Oude Stad, hun traditionele verzamelplaats om Iftar-maaltijden te delen tijdens de vastenmaand Ramadan. En ze omvatten ook de inval in de al-Aqsa moskee, de derde heiligste islamitische plaats ter wereld - een opzettelijke provocatie van niet alleen Palestijnen, maar van moslims in het algemeen. De Israëlische politie schoot tijdens het ochtendgebed schokgranaten, traangas en rubberen kogels naar de gelovigen in en rond de moskee.

Gezien de ervaringen van de meer dan 2 miljoen Gazanen -waarvan de helft kinderen en ongeveer driekwart vluchtelingen- die al 14 jaar moeten leven onder een verlammende Israëlische economische blokkade in de overbevolkte, verarmde Gazastrook, was het nauwelijks verbazend dat dergelijke provocaties zouden leiden tot een militaire reactie van Hamas.

Maar Hamas’ acties verklaren niet de Israëlische keuze -en het wat zeker een keuze- om de militaire aanval onmiddellijk op te drijven naar het niveau van een algehele oorlog. Dus wat verklaart dat dan wel?

Netanyahu’s problemen

Om te beginnen, speelt de politiek. Premier Netanyahu staat terecht en riskeert jaren gevangenis voor een brede waaier aan corruptiebeschuldigingen. Zo lang hij eerste minister blijft kan hij niet opgesloten worden, maar als hij zijn regerende coalitie verliest -en hij stond vlak vóór deze crisis net op het punt dat te doen- zou hij in de gevangenis kunnen belanden.

Voor Netayanhu is het behoud van de publieke steun dus niet alleen een politiek doel, maar een urgente persoonlijke noodzaak. De mobilisering van troepen en de aanblik van Israëls leger in actie stellen hem in staat om zijn terugkerende rol als de ultieme “beschermer” van het land tegen de “vijand” -wie de uitverkoren vijand van de dag ook mag zijn- weer op te nemen. Die vijand kan Iran zijn (dat in tegenstelling tot Israël geen kernwapen, noch een kernwapenprogramma bezit), of de geweldloze BDS-campagne (boycot, desinvestering en sancties), die door belangrijke Israëlische leiders als een existentiële dreiging gelijkgeschakeld wordt met Iran. Of het kan Gaza zijn, net zoals in 2008-2009, 2012, en in het bijzonder tijdens de 50 dagen van Israëlische bombardementen in 2014, waarbij 2.202 Palestijnen, waaronder 526 kinderen, het leven lieten.

Voor Netayanhu is het behoud van de publieke steun niet alleen een politiek doel, maar een urgente persoonlijke noodzaak.

Netanyahu’s politieke kapitaal is ook gelinkt aan zijn bewering de enige Israëlische leider te zijn die de noodzakelijke niveaus van absolute straffeloosheid en kritiekloze economische en politieke steun van de Verenigde Staten kan handhaven. De Trump-jaren werden zeker gekenmerkt door Washingtons warmste attitude ten opzichte van Netanyahu’s rechtse regering en het meest extremistische pro-Israël beleid tot op heden. Maar tot nu toe heeft president Biden -die er vermoedelijk van overtuigd is dat het voornemen om de nucleaire deal met Iran te herstellen, betekent dat er geen bijkomende druk op Israël gelegd kan worden- uitsluitend de retoriek wat aangepast.

Washingtons feitelijke steun voor Israël, o.a. 3,8 miljard dollar aan jaarlijkse militaire steun, en de eenzijdige “Israël heeft het recht op zelfverdediging”-retoriek die datzelfde recht ontzegt aan de Palestijnen, blijft van kracht. En de geschiedenis leert ons dat de directe Amerikaanse steun in de vorm van extra geld en wapens, evenals uitgebreide steunverklaringen, toenemen wanneer de Israëlische troepen in de aanval gaan.

Washingtons steun aan Israël, o.a. 3,8 miljard aan jaarlijkse militaire steun, blijft onder Biden van kracht.

“Het gras maaien”

Naast de politieke voordelen van het ten oorlog trekken tegen Gaza, zijn er ook de strategische voordelen. Ondanks de terugtrekking van Israëlische kolonisten en troepen uit de Gazastrook in 2005, wordt het gebied sinds 2007 onderworpen aan een door Israël opgelegde blokkade en belegering. Volgens het internationaal recht is Gaza nog steeds bezet.

Al jarenlang is Israëls strategie ten opzichte van Gaza en zijn Palestijnse bevolking er één van absolute controle. Israël bepaalt wie er Gaza in en uit kan, wat neerkomt op een totale controle over de levens -en de dood- van mensen. In het verleden heeft Israël precies vastgelegd hoeveel calorieën de Gazanen per dag zouden moeten consumeren – om ze “op een dieet te zetten” zoals militaire leiders in 2006 zeiden.

Al jarenlang is Israëls strategie ten opzichte van Gaza en zijn Palestijnse bevolking er één van absolute controle.

Het is niet verbazend dat het Palestijns verzet tegen de jaren van belegering en bezetting in Gaza soms ook militaire oppositie omvatte. Gedurende de oorlog van 2014 bracht het invloedrijke Israëlische ‘Begin-Sadat Center for Strategic Studies’ een rapport uit waarin onderschreven werd wat ondertussen al een standaardaanpak geworden was ten opzichte van Gaza. Het rapport heette ‘Mowing the Grass in Gaza’ en omschreef de dodelijke militaire aanvallen als een strategie die overeenstemde met “het gras maaien. Na een periode van militaire terughoudendheid, treedt Israël op om Hamas streng te straffen voor zijn agressieve gedrag en om zijn militaire capaciteiten te degraderen, met als doel het bekomen van een periode van rust”.

Het rapport negeerde het feit dat Israël een bezettingsmacht is, dat de bevolking van Gaza beschermde burgers zijn en dat de collectieve bestraffing, de vernietiging van civiele infrastructuur en het gebruik van overdreven disproportioneel geweld allemaal schendingen vormen van het internationaal humanitair recht, de Conventies van Genève en meer. De auteur van het rapport stelde ondubbelzinnig: “Een vergeldingsoorlog tegen Hamas is waarschijnlijk ons lot voor de lange termijn en we zullen Gaza vrij vaak moeten aanvallen om de vijand uit balans te houden”. Sindsdien bestaat de aanpak van Israël uit het initiëren van periodes van geweld in Gaza, zelfs wanneer het verzet geweldloos was, zoals de Grote mars van de terugkeer in 2018.

Israëls wapenindustrie

Ten slotte hebben deze regelmatige aanvallen op Gaza gezorgd voor een zeer waardevol testterrein voor de Israëlische wapenfabrikanten wier exportdeals -in 2019 goed voor 7,2 miljard dollar- een groot deel van het Israëlische Bruto Binnenlands Product (BBP) vertegenwoordigen.

Tijdens het hoogtepunt van de aanval in 2014 meldde Ha’aretz dat de de fabrieken van de wapenbedrijven “de klok rond werkten om munitie te produceren terwijl het leger hun nieuwste systemen aan het uittesten was op een echte vijand. Nu verwachten ze dat hun op het slagveld beproefde producten nieuwe klanten zullen opleveren.”

De regelmatige aanvallen op Gaza zorgen voor een zeer waardevolle proeftuin voor de Israëlische wapenfabrikanten.

“Oorlog is het hoogste keurmerk als het om de internationale markten gaat”, legde Barbara Opall-Rome van het Amerikaanse tijdschrift Defense News uit aan Ha’aretz. “Wat zich in de strijd heeft bewezen, is veel gemakkelijker te verkopen. Onmiddellijk na de operatie en misschien zelfs tijdens, arriveren allerlei delegaties van landen die de technologische capaciteiten van Israël waarderen en geïnteresseerd zijn in het testen van de nieuwe producten”. “Vanuit zakelijk oogpunt” concludeerde de redacteur van Israel Defense in hetzelfde Ha’aretz-artikel, “was de operatie een uitstekende zaak voor de defensie-industrieën”.

Terwijl ik dit artikel 7 jaar later schrijf, duurt Israëls recentste luchtoorlog tegen Gaza voort. Israëlische grondtroepen worden ontplooid aan de rand van de Gazastrook, met op tanks gemonteerde artilleriewapens gericht op 2 miljoen mensen die samengepakt zitten in een van de dichtstbevolkte gebieden op aarde. Een half uur geleden werd een familie van 6 gedood in hun huis, terwijl de tank- en luchtaanvallen aanhouden.

Zijn er ver voorbij de aanspraken op “zelfverdediging” andere redenen voor Israël om alweer in de aanval te gaan? Als er gekeken wordt naar wie er baat bij heeft, blijkt het antwoord toch niet zo ingewikkeld te zijn.

Phyllis Bennis leidt het New Internationalism Project aan het Institute for Policy Studies. Dit vertaalde artikel verscheen op 14 mei op de site van Foreign Policy in Focus.
 

Campagne

BDS

De Boycot, Desinvestering & Sancties-beweging (BDS) wil een einde brengen aan de internationale steun voor de Israëlische onderdrukking van de Palestijnen. Vrede vzw ondersteunt de BDS-beweging in België. 

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze digitale nieuwsbrief.


Source URL: https://vrede.be/nieuws/wie-profiteert-van-de-aanval-op-gaza