Moderne economieën zijn afhankelijk van groei. Van zodra de economische groei stokt, worden we allemaal armer, dalen de belastinginkomsten van de overheid en stijgt de werkloosheid. Is het mogelijk om welvaart te creëren zonder economische groei? Ja hoor en dit is hoe...
In theorie is groei nodig om schulden af te betalen, nieuwe jobs te creëren of de inkomens van de armen omhoog te trekken. In de praktijk hebben we decennia van groei achter de rug en hebben we nog altijd schulden, is er een hoge werkloosheid bij jongeren en is de armoede nog altijd even groot.
In het recente boek Degrowth. A vocabulary for a new era argumenteren we dat het bewerkstelligen van economische groei niet alleen alsmaar moeilijker wordt, maar ook sociaal en ecologisch onhoudbaar is. Het mondiale klimaat, de welvaartsstaat en de sociale bindingen die al lang bestaan, worden allemaal opgeofferd in naam van het paaien van de god van de groei.
'Degrowth' of 'ongroei' is een oproep om af te stappen van de ideologie van een eenrichtingstoekomst die uitsluitend bestaat uit groei. Ongroei is niet hetzelfde als een recessie, maar is gebaseerd op de hypothese dat we welvaart kunnen creëren zonder economische groei. Met andere woorden dat we een betekenisvol werk kunnen hebben zonder de noodzaak van eeuwigdurende groei, dat we een functionele welvaartsstaat kunnen onderhouden zonder dat de economie elk jaar groter wordt, en dat we de gelijkheid kunnen verhogen en de armoede kunnen elimineren zonder elk jaar meer en meer geld te moeten accumuleren.
Een nieuw links op vlak van ideeën -maar ook op vlak van de jonge leeftijd van de leden- is aan het opkomen in Europa, van Spanje en Catalonië tot Griekenland, Slovenië en Kroatië. Zal deze nieuwe linkse beweging ook 'groen' zijn? Zal ze een alternatief coöperatief economisch model voorstellen, geïnspireerd door de ideeën over ongroei? Of zal dit nieuwe links, net zoals nieuw links in Latijns-Amerika, gedreven door de eisen van het globale kapitalisme, de expansieve logica van het kapitalisme reproduceren, waarbij de multinationale bedrijven alleen maar vervangen worden door nationale en de kruimels iets beter verdeeld worden onder de bevolking?
Progressieve welvaart
We reiken tien beleidsvoorstellen aan, gebaseerd op de idee van ongroei, die neergeschreven werden voor de Spaanse context. Hoewel de context waaraan deze voorstellen refereren specifiek is, kunnen ze met bepaalde aanpassingen ook elders toegepast worden. Ze zijn relevant voor radicaal linkse en groene partijen over heel Europa.
1. Burger-audit van de schulden. Een economie mag niet gedwongen worden om te groeien om het probleem van de geaccumuleerde schulden -die net bijgedragen hebben tot de fictieve groei in het verleden- op te lossen. Het is essentieel dat een deel van de schulden geherstructureerd wordt en een deel zelfs kwijtgescholden wordt via een burger-audit. Dit maakt deel uit van een nieuwe, echt democratische cultuur. Zo'n kwijtschelding zou niet gerealiseerd mogen worden ten koste van de gewone spaarders en personen met bescheiden pensioenen. De schulden van diegenen die aanzienlijke inkomens en activa bezitten, mogen niet gepardonneerd worden. Wie geleend heeft om te speculeren moet de verliezen op zich nemen.
2. Het verdelen van werk over meerdere personen. Reduceer de werkweek tot tenminste 32 uur. Ontwikkel programma's om firma's en organisaties te ondersteunen die het delen van werk faciliteren. Het systeem zou zo georganiseerd moeten worden dat alleen de 10% hoogste inkomenscategorie met een verlies van inkomen geconfronteerd wordt door minder te werken.
3. Een basisinkomen en een maximumloon. Leg een minimuminkomen vast voor alle Spaanse inwoners van 400 à 600 euro per maand. Dit bedrag wordt uitbetaald zonder enige verplichting of bepaling. Een recente studie suggereert dat dit haalbaar is voor Spanje, zonder dat er een grondige herziening van het belastingstelsel nodig is. Combineer dit beleid met andere belasting- en arbeidshervormingen, zodat het inkomen van de armste 50% van de bevolking stijgt en dat van de 10% rijksten daalt om deze verandering te financieren. Het maximuminkomen -zowel uit arbeid als uit kapitaal- voor gelijk welke persoon, zou niet meer mogen bedragen dan 30 maal het basisinkomen (12.000 tot 18.000 euro per maand).
4. Groene belastinghervorming. Implementeer een beleid dat het belastingsysteem na verloop van tijd transformeert van een systeem dat voornamelijk gebaseerd is op het belasten van arbeid naar een dat gebaseerd is op het belasten van het gebruik van energie en natuurlijke bronnen. Belastingen op de laagste inkomens kunnen gereduceerd en gecompenseerd worden door een koolstoftaks. Installeer een belastingvoet van 90% op de hoogste inkomens (zulke tarieven waren gebruikelijk in de Verenigde Staten tijdens de jaren 1950). Hoge belastingen op inkomens en kapitaal zal de positie-consumptie een halt toeroepen en de motivatie voor excessieve lonen elimineren – die beide de financiële speculatie voeden.
Pak kapitaalrijkdom aan via successierechten en hoge belastingen op onroerend goed dat niet bedoeld is voor gebruik, bijvoorbeeld tweede of derde huizen van individuen of grote landgoederen.
5. Stop het subsidiëren van en het investeren in activiteiten die zeer vervuilend zijn. De hierdoor vrijgekomen fondsen kunnen afgeleid worden naar propere productie. Annuleer de openbare investeringen in en de subsidiëring van private transportinfrastructuur (zoals nieuwe wegen en de uitbreiding van luchthavens), militaire technologie, fossiele brandstoffen en mijnprojecten. Gebruik deze fondsen om te investeren in de verbetering van rurale en stedelijke openbare ruimtes zoals pleinen en verkeersvrije straten, en om het openbaar vervoer en verhuurprogramma's voor fietsen te subsidiëren. Ondersteun de ontwikkeling van kleinschalige, gedecentraliseerde hernieuwbare energie onder lokale en democratische controle, in plaats van geconcentreerde en uitgebreide macro-structuren onder controle van private ondernemingen.
6. Steun de alternatieve solidaire maatschappij. Steun via subsidies, belastingvrijstellingen en wetgeving, de niet op winst gerichte coöperatieve economische sectoren die aan het bloeien zijn in Spanje, waaronder alternatieve voedselnetwerken, coöperatieven en netwerken voor basisgezondheidszorg, coöperatieven voor het delen van huizen, kredieten, onderwijs, enzovoort.
Faciliteer de de-commercialisering van ruimtes en activiteiten rond zorg en creativiteit, door initiatieven rond onderlinge hulpverlening, gezamenlijke kinderopvang en sociale centra te helpen.
7. Optimaliseer het gebruik van gebouwen. Stop de constructie van nieuwe huizen. Rehabiliteer het bestaande huizenbestand en moedig het volledige gebruik van huizen aan.
In Spanje zou aan deze objectieven voldaan kunnen worden door zeer hoge belastingen te heffen op verwaarloosde huizen, leegstand en tweede huizen, door het sociaal gebruik van de in beslag genomen woningen onder de herstructureringsbepalingen in de bancaire sector die ingevoerd werden na de Spaanse vastgoedcrisis. Als dit niet volstaat dan moet er overgegaan worden tot de onteigening van lege huizen van private investeerders.
8. Reduceer reclame. Installeer zeer restrictieve voorwaarden om te kunnen adverteren in publieke ruimtes, naar het voorbeeld van de Franse stad Grenoble.
Verleen prioriteit aan de voorziening van informatie en reduceer zoveel mogelijk het commercieel gebruik van reclame. Richt comités op die de kwantiteit en de kwaliteit controleren van de reclame die toegestaan is in de massamedia. Hef taksen op adverteren in overeenstemming met de doelstellingen.
9. Leg milieulimieten vast. Leg absolute en in tijd afnemende plafonds vast voor de totale hoeveelheid CO2 die Spanje mag uitstoten en de materiële natuurlijke bronnen die het mag verbruiken, met inbegrip van de uitstoot en materialen die ingebed zitten in geïmporteerde producten. Er kunnen plafonds worden vastgelegd voor CO2, materialen, watervoetafdruk of voor oppervlakte die bebouwd mag worden. Gelijkaardige limieten kunnen gestipuleerd worden om andere milieuproblemen te verhelpen, zoals de hoeveelheid water dat geëxtraheerd mag worden of het aantal vergunningen voor toeristische ondernemingen in verzadigde zones, enzovoort.
10. Schaf het gebruik van het Bruto Binnenlands Product (BBP) als indicator van economische vooruitgang af. Het BBP is een misleidende indicator dus zouden we moeten stoppen met hem te gebruiken en moeten uitkijken naar andere welvaartsindicatoren. Monetaire en fiscale nationale statistieken kunnen wel verzameld en gebruikt worden, maar het economisch beleid zou niet uitgedrukt mogen worden in termen van BBP-objectieven.
Er moet een debat opgestart worden over de aard van 'welbevinden', dat focust op wat er gemeten moet worden in plaats van hoe het te meten.
Een coherent pakket van elkaar ondersteunende maatregelen
Deze voorstellen zijn complementair en moeten gezamenlijk geïmplementeerd worden. Het invoeren van ecologische limieten zou de groei kunnen reduceren en werkloosheid kunnen creëren, maar het verdelen van werk over meerdere personen en het basisinkomen zal de creatie van jobs en de sociale zekerheid loskoppelen van de economische groei.
De verschuiving van investeringen van vuile naar propere activiteiten en de hervorming van het belastingsysteem zullen verzekeren dat er een groenere economie ontstaat. Stoppen met het beoordelen van de economie in termen van BBP en het invoeren van welvaartsindicatoren, zullen verzekeren dat deze transitie geëvalueerd wordt als een succes en niet als een mislukking.
Tenslotte zullen de veranderingen in het belastingsysteem en de controle op reclame, de positionele competitie en het gevoel van frustratie dat gepaard gaat met een gebrek aan groei, verminderen. Investeren in de gemeenschap en de gedeelde infrastructuur zal de welvaart vergroten zonder dat er economische groei aan te pas hoeft te komen.
We verwachten niet dat nieuw links 'ongroei' zal uitroepen tot hun nieuwe slogan. We begrijpen dat het moeilijk is om een diepgeworteld en algemeen aanvaard model aan te vechten. Maar we verwachten wel dat radicaal linkse partijen stappen zetten in de juiste richting en goede beleidsmaatregelen nastreven, zoals degene die we hier voorstellen, los van hun effect op de economische groei.
We verwachten ook dat echte linke partijen vermijden om van de herlancering van de economische groei hun objectief te maken. Dit is geen gemakkelijke uitdaging, maar radicaal links werd nooit verondersteld om de gemakkelijkste weg te volgen.
Giorgos Kallis is professor Ecologische Economie aan de Autonome Universiteit van Barcelona en co-redacteur (samen met Giacomo D'Alisa en Federico Demaria, of 'Degrowth: A Vocabulary for a New Era' (Routledge, 2014).