Artikel
Hart boven Hard
Printvriendelijke versie
Right(s) now! Een alternatieve oktoberverklaring

Right(s) now! Een alternatieve oktoberverklaring

Vijf jaar zijn weer daar. Voor zoveel mensen worden ze cruciaal.

Tienduizenden kinderen die voor het eerst naar school zullen gaan, om kennis op te doen voor de komende tachtig jaar. Tienduizenden studenten die die kennis zullen willen teruggeven in een eerste job. En nog eens tienduizenden die na veertig jaar werken welverdiend op rust zullen gaan. Duizenden ouderen voor wie de juiste zorg gezocht moet worden, nadat zij zolang voor anderen hebben gezorgd. Duizenden gezinnen die van woonst zullen veranderen. Duizenden families die zullen blijven knokken om hun kinderen een beter leven te geven. Dát is Vlaanderen: al die mensenlevens die van hetzelfde dromen – gewoon een menselijk leven.

Van Vlaanderen een vooruitstrevende regio maken is niet meer dan dat samen organiseren: een plek waar al die mensen menselijk leven. Dat moet het doel zijn. Al de rest staat in dienst daarvan. Economie. Armoedebeleid. Werk. Onderwijs. Huisvesting. Mobiliteit. Cultuur. Ze staan in dienst van die gedeelde menselijkheid. Hoe gaan we die de komende vijf jaar beter realiseren? Natuurlijk is die vraag makkelijker gesteld dan beantwoord. Vlaanderen is geen geïsoleerd lapje grond dat afgeschermd is van wat elders in de wereld scheefloopt. Globalisering en digitalisering staan op gespannen voet met werkgelegenheid. Het klimaat stelt ons voor ongeziene uitdagingen. Veranderingen gaan sneller dan ooit. Op alle vlak is de realiteit veel complexer geworden dan Twitter kan bevatten.

Juist daarom moet de lat hoog: omdat we in uitzonderlijke tijden leven. We beschikken over meer mogelijkheden dan ooit om die gedeelde menselijkheid waar te maken, en toch ervaren tienduizenden mensen dat hun leven net onmenselijker wordt. Stress, onbetaalbare woningen, een arbeidsmarkt op slot, ellenlange wachtlijsten, haat op sociale media, lange files, een alarmerende luchtkwaliteit… Iedereen voelt het aan zijn water: waar het echt om gaat, drijft van het menselijke weg.

Dat ligt niet aan de vluchtelingen die er in Vlaanderen bijkomen. Niet aan ‘de krappe budgetten’ die ons telkens worden voorgespiegeld. Het ligt aan hoe we met al dat beschikbare geld omgaan, én met alle menselijk kapitaal. Het ligt aan een beleid dat blijft zweren bij een verouderd systeem dat garen spint bij ongelijkheid, bij milieuverontreiniging, bij polarisering. En ondertussen trekt het grote geld het laken naar zich toe. Daarom waren de voorbije verkiezingen zo cruciaal. Om die droom van gedeelde menselijkheid in Vlaanderen. Geven we die op? Of wagen we de sprong vooruit?

Nieuwe regering, oude ideeën

Het antwoord van de nieuwe Vlaamse regering is een sprong terug. Tegen elk kind vol trauma’s na een levensgevaarlijke tocht uit een verre oorlog zegt ze: ‘jij moet het eerst verdienen’. Voor al wie al twee jaar vergeefs solliciteert, is haar boodschap: ‘jij bent alleen nog goed voor verplichte gratis klusjes.’ Aan al wie zich al jaren engageert in een etnisch-diverse vereniging laat ze weten: ‘jij bent onze steun niet langer waard.’ Is dat zorgen dat ‘iedereen in de samenleving meekan’? Dat is Vlaanderen opdelen in A- en B-burgers. Dat is de polarisering versterken. Het tegendeel van menselijkheid.

Hoe kan je koploper worden in Europa als je instrumenten voor verandering en herverdeling blijven achterlopen? Wat haalt een jobbonus uit zonder stevig armoedebeleid? Wat stellen investeringen in fietspaden en extra groen voor zonder strenge klimaatambities? Wat helpt het afschaffen van de woonbonus zonder te investeren in sociale woningbouw?.

‘De moeilijkheid is niet zozeer het uitwerken van nieuwe ideeën, maar het ontsnappen aan de oude,’ schreef de econoom John Maynard Keynes lang geleden al. Dit beleid blijft steken in ideeën die hun tijd al lang gehad hebben. Zo gelooft het nog altijd in het trickle down-verhaal: geef het geld eerst aan de rijken om dan de armen te laten profiteren. Zelfs een kind weet beter: je moet alles gewoon beter verdelen. Zelfs de OESO en het IMF bevestigen dat. In Vlaanderen daarentegen ‘moet iedereen zich engageren’, behalve de grote vermogens.

En dan zijn de regeringspartijen verrast dat ze bij de verkiezingen allemaal zijn afgestraft? Toch leggen ze opnieuw nog meer druk op de zwaksten, de zieken, de werklozen, de nieuwkomers, de studenten… Is er iemand die gelooft dat de kiezer dát signaal gegeven heeft? Vijf jaar lang hebben mensen massaal hun afkeuring laten horen. Ze zijn het beu om steeds te horen dat ze zelf schuld hebben aan hun situatie. Kennelijk heeft de kiezer wel een vote, maar geen voice. Meer heeft extreemrechts niet nodig om alle antipolitieke reacties verder aan te wakkeren en uit te buiten, als een pyromaan verkleed als brandweer.

Onze geboortegrond: ons klimaat

Wat moet er dan wel gebeuren, voor een menselijke toekomst voor iedereen? Het dringendst is wat ons allemaal boven het hoofd hangt: de opwarming van de aarde. Als zelfs ademen gaat voelen als een haardroger voor je mond, zoals op 25 juli, dan moet het hele systeem om. ‘Voor veel mensen, regio’s en zelfs landen is dit al een kwestie van leven of dood. Daarom is het zo moeilijk te begrijpen waarom het allemaal zo traag vooruitgaat, en dan nog in de verkeerde richting.’ Aan het woord zijn niet de klimaatjongeren, wel Antonio Guterres, secretaris-generaal van de VN. De enige juiste richting is recht door zee, naar gedeelde menselijkheid.

De oplossingen liggen er. In mei heeft een Klimaatpanel van 140 Belgische wetenschappers voorstellen gedaan voor een steviger klimaatbeleid. Hun conclusie: transitie gaat niet enkel om natuur en uitstoot, maar ook om ruimtelijke ordening, productie- en consumptiepatronen én sociale rechtvaardigheid. ‘De oplopende temperatuur is slechts een symptoom van een veel grotere systeemcrisis’, aldus de Vlaamse bouwmeester. ‘We moeten ook dringend af van de gedachte dat inzetten op klimaat en duurzaamheid snijden in eigen vel is. De meeste maatregelen brengen geld op in plaats van geld te kosten. Een correct beleid zal onze levensstandaard verbeteren.’

Duurzaamheid begint bij een heel andere economie, die de kansen op ontwikkeling rechtvaardig verdeelt. Met niet de winstmaat als norm, maar de maat van mens en natuur. Hoe we meten wat ‘een goede economie’ is, moet helemaal anders. Want waar winst het wint van waarde, is verlies het resultaat. Echt rijk is een samenleving door goede zorg, bloeiende natuur en cultuur, goed onderwijs, een goede woning, vlotte toegang tot sport en mobiliteit. Die rijkdom is van iedereen. Haar wisselmunt heet solidariteit.

Onze canon: onze mensenrechten

Tast die solidariteit onze individuele vrijheid aan? Wel integendeel. Het woord vrijheid heeft dezelfde wortel – fri – als de woorden vriend en vrede. Fri betekent: tot de vrienden behoren en in vrede leven met anderen. Pas als sociaal wezen wordt de mens vrij. Waar de verdeling van de rijkdom scheef zit, wordt die vrijheid ingeperkt. Dan wordt vrij zijn een privilege, in plaats van een onvervreemdbaar recht.

Antonio Guterres herhaalde het recent nog voor de Algemene Vergadering: ‘Het VN-Charter geeft een heldere boodschap aan ons allen: zet de mensen op de eerste plaats. Elke dag. Overal. Mensen met angsten en aspiraties. Met verdriet en hoop. En bovenal met rechten. Die rechten zijn geen gunst die je iemand zomaar kan weigeren. Ze horen onverbrekelijk bij het eenvoudige gegeven mens te zijn.’

Dat onze nieuwe Vlaamse regering zich terugtrekt uit UNIA, het instituut dat waakt over de eerbiediging van de mensenrechten in België, is veelzeggend. In de eerste helft van dit jaar is het aantal haatboodschappen op sociale media verdubbeld, maar de regering lijkt haar schouders op te halen voor het groeiende racisme. Terwijl haatmisdrijven zienderogen toenemen en de uitsluiting zo groot wordt dat ze ontaardt in agressie, weigert deze regering de slachtoffers ervan nog te beschermen. Als aan die grondrechten geraakt wordt, dreigen de andere gauw te volgen.

Een Vlaams regeerakkoord voor gedeelde menselijkheid zou er een zijn dat zich beroept op de canon van onze grondrechten. Ze staan in Artikel 23 van de Belgische Grondwet: ‘Iedereen heeft recht op een menswaardig leven.’ Er staat niet dat de economie kost wat kost moet groeien. Er staat niet: ‘Je afkomst bepaalt je kansen.’ Wel staat er: ‘Iedereen heeft recht op arbeid, op sociale zekerheid, op bescherming van de gezondheid, op behoorlijke huisvesting, op een gezond leefmilieu, op culturele en maatschappelijke ontplooiing, op gezinsbijslag.’ Dat is wat we als samenleving hebben afgesproken, zwart op wit. Elk regeerakkoord dat zich daar niet op beroept, is die naam niet waardig.

Een vooruitstrevend Vlaanderen? Simpel: vul dit Artikel 23 in voor onze tijd. Investeer in openbaar vervoer, verhoog de lage uitkeringen, trek loon en pensioen voor man en vrouw gelijk, controleer de prijzen voor medicijnen, stop de grote belastingontduiking. Stuk voor stuk zijn dat voorstellen waar minstens vier op de vijf Vlamingen achter staan. We weten dat de beurs allergisch reageert op zulke wensen. Maar zijn ze daarom overdreven? Zijn ze onredelijk?

Onze eigen geschiedenis biedt genoeg voorbeelden van ooit ‘utopische’ eisen die nu de logica zelve zijn – van stemrecht voor iedereen tot de afschaffing van kinderarbeid. Bovenstaande voorstellen zijn ook verre van utopisch. Ze geven aan wat vandaag heel praktisch en concreet kan gebeuren om de rechten en dromen van burgers te realiseren. Het is zoals het banen van wegen. Eerst zijn er geen. Ze ontstaan zodra veel mensen in dezelfde richting lopen. Gedeelde menselijkheid is de weg.

Onze cultuur: democratie van onderuit

Hoe kan een democratie eruit zien waar het volk niet moet toekijken, maar echt regeert? Waar ook na de verkiezingen besturen gebeurt mét en niet tégen de bevolking? Die democratie vertrekt van de rijke en bonte expertise bij de burgers, vanuit de overtuiging dat je de kwaliteit van democratie kan afmeten aan de mate waarin een macht van onderuit bestaat.

Vlaanderen kan daarvoor bogen op een unieke traditie: een breed verenigingsleven waar voortdurend nieuwe ideeën worden uitgebroed, geherformuleerd én vormgegeven. Net die verenigingen brengen vaak burgers samen die zich al te vaak niet gehoord en gezien voelen. Die geen toegang hebben tot het publieke debat. In groep, als collectief, worden ze daar van passieve toeschouwers actieve actoren die de samenleving helpen voltooien. Wie gelooft dat alleen de media nog het publieke debat belichamen of de stem van de burger laten horen, moet dáár eens gaan kijken. Op sportvelden, in burgerbewegingen, bij amateurgezelschappen, in vrouwengroepen, bij armoedeverenigingen: daar wordt de echte democratie en maatschappelijke dialoog beoefend. Tussen mensen. Niet top-down, maar bottom-up.

De nieuwe Vlaamse regering eist daarentegen ‘het primaat van de politiek’ op. Ze vindt blijkbaar dat het niet langer de rol is van verenigingen en organisaties om alternatieve beleidsvoorstellen naar voren te schuiven. Ze wil blijkbaar dat alleen ‘de politiek’ nog aan politiek doet. Ze stelt zich op als een ‘sterke Jan’ die verenigingen van minderheden opdoekt. Die de sociale partners aan banden legt. Die chargeert tegen ngo’s en burgers die in de bres springen voor nieuwkomers. Die georganiseerde tegenstemmen verstikt. Zo dreigt een proces dat zich al enige jaren voltrekt, vandaag zijn beslag te krijgen. Zo isoleert de politiek niet enkel zichzelf van de burger, ze schrapt ook de essentie van democratie.

Wij willen in Vlaanderen een menselijk verhaal blijven schrijven – tegen de sluipende angst, eenzaamheid en polarisering in. De kiemen daarvoor liggen in dat verenigingsleven. Waar twintigers in jeugdbewegingen verantwoordelijkheid nemen voor tieners, waar senioren samen tentoonstellingen bezoeken, waar interculturele uitwisseling tussen twee verenigingen voor een nieuwe verbondenheid kan zorgen, waar mensen in armoede extra kracht vinden. Gedeelde menselijkheid en sociaal weefsel creëer je niet vanuit een kabinet of een tv-studio in Brussel. Dat vraagt een breed netwerk tot in de kleinste gemeenten. Het verenigingsleven is dat offline netwerk. Het is de democratie.

De dromen en de wegen

Onze tijd snakt naar een kentering. Op alle terreinen gonst het al van nieuwe ideeën en experimenten: de kortere fulltimebaan, klimaatneutrale steden, dokters zonder drempel, mantelzorg, praktijktesten, translabs, alternatieve munten, samenaankopen, citizen science als CurieuzeNeuzen, boerenmarkten, cohousing …

We maken de heropleving mee van een nieuwe wederkerigheid, van het gemeengoed of de commons: een maatschappelijk aanbod dat toegankelijk is voor iedereen, niet onderhevig aan de bokkensprongen van de private markten. Met nieuwe basisvoorzieningen tussen mensen, met gedeeld gebruik van voedsel, zorg, mobiliteit, cultuur en kunst. Het zijn ontluikende vormen van samenlevingsopbouw. En het is niet het middenveld, maar de regering die op de rem gaat staan.

Samen vormen ze een dringende oproep aan al wie in gedeelde menselijkheid de springplank ziet naar de toekomst: laten we ons samen verbinden, hart boven hard, tot één sterke ketting. In één samenhangend verhaal over de hele samenleving. Vanuit de mensenrechten en vanuit principes als rechtvaardigheid, duurzaamheid, solidariteit en vrijheid. Met een dynamische democratie voor ogen. Omdat we met duizenden zijn. En omdat de juiste weg pas wordt gebaand als we hem met velen samen gaan.

Onderteken de Oktoberverklaring van Hart boven Hard hier.

 

steun ons

© 2019 vrede vzw - website by