Libië, tien jaar na de NAVO-oorlog
Foto van Saray Media Center via Airwars
Libië, tien jaar na de NAVO-oorlog
Artikel
3 minuten

Tien jaar geleden startte de NAVO met luchtbombardementen op Libië. Na het einde van deze militaire interventie raakte het land verwikkeld in een lange burgeroorlog. Eind vorig jaar kwam het tot een wapenbestand. De organisatie Airwars is er in geslaagd om veel van de slachtoffers in kaart te brengen.

In februari 2011 vonden tal van protestmanifestaties plaats in de steden van Libië tegen het autoritair regime van Muammar Khadaffi die dan al 42 jaar aan de macht was. De opstand kreeg al gauw een gewapend karakter. Rebellen slaagden erin om de controle over te nemen van verschillende steden. Khadaffi reageerde met militair geweld. Op 17 maart stemde de VN Veiligheidsraad resolutie 1973 die toestemming gaf om “alle noodzakelijke maatregelen” te nemen om burgers te beschermen tegen gewapende aanvallen. Op 19 maart startte de NAVO een militaire luchtoperatie die 8 maanden zou duren met in totaal 7.000 bombardementsvluchten. De NAVO-operatie veranderde in een campagne die luchtdekking gaf aan de gewapende rebellengroepen wat niet voorzien was in het VN-mandaat. In augustus namen opstandige milities de hoofdstad Tripoli in. De NAVO-oorlog eindigde na de gevangenneming en executie van kolonel Khadaffi. Rasmussen sprak van een “succesvolle” missie maar in de daaropvolgende maanden geraakte het land in een jarenlange burgeroorlog verzeild met honderden elkaar bevechtende rivaliserende rebellengroepen.

Interimregering

Het land geraakte verdeeld in twee kampen met twee regeringen. De Regering van Nationaal Akkoord in Tripoli genoot de steun van Turkije. Khalifa Haftar leidde het Libische Nationale Leger dat streed aan de zijde van de rivaliserende regering in het oostelijke Tobruk met de steun van o.a. Rusland, Saoedi-Arabië, Egypte en de Verenigde Arabische Emiraten. Na vele jaren van gevechten kwam het in oktober 2020 tot een wapenbestand, waarin onder andere werd afgesproken dat alle buitenlandse strijders het land binnen de drie maanden moesten verlaten. Na wekenlange onderhandelingen werd begin maart onder auspiciën van de VN een interimregering aangesteld onder leiding van Premier Abdulhamid Dbeibeh die het land in december 2021 naar nieuwe verkiezingen moet leiden.

Burgerslachtoffers

Daarmee is er voor het eerst in tien jaar uitzicht op vrede. De uitdagingen zijn evenwel enorm, zowel politiek, maar ook economisch en sociaal. De oorlog maakte heel wat slachtoffers. De internationale organisatie Airwars heeft hun aantal en de omstandigheden waarin ze omkwamen in kaart gebracht na grondig onderzoek en heel wat informatie vanop het terrein, zowel over de episode tijdens de NAVO-oorlog als van de daaropvolgende 9 jaar lange burgeroorlog.

Voor de eerste episode concludeert Airwars dat er minsten 1142 en maximaal 3400 dodelijke burgerslachtoffers zijn gevallen onder wie 95 tot 128 kinderen in 212 verschillende gewelddadige incidenten. Het gaat enkel over de slachtoffers waarover informatie te vinden was. In werkelijkheid kan het aantal hoger liggen. De troepen van Khadaffi waren verantwoordelijk voor 869 tot 1999 van de burgerslachtoffers in 105 incidenten die Airwars kon documenteren. De NAVO luchtbombardementen maakten volgens Airwars tussen de 223 en 403 burgerdoden. Bijna niemand van zij die familieleden hebben verloren, ontving daarvoor compensaties of condoleances van Libische functionarissen of NAVO-lidstaten.

In de burgeroorlog die volgde op de NAVO-operatie vielen nog eens tussen de 782 en 1.121 gedocumenteerde doden door het optreden van milities en buitenlandse troepen tijdens 323 gewelddadige incidenten.

 

 

Thema
Land

Campagne

De NAVO vormt een voortdurende motor voor militarisering. De wereld heeft echter nood aan niet-militaire oplossingen en een versterking van competente internationale platforms voor conflictoplossing, gemeenschappelijke veiligheid en duurzame ontwikkeling.

Basisinformatie

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze digitale nieuwsbrief.