Overslaan en naar de inhoud gaan
Image
Merz

Bondskanselier Merz; beeld: AI-gegenereerd door shutterstock.com 

Duitsland bouwt aan het grootste leger van Europa
Artikel
13 minuten

In geen enkel Europees land verloopt de militarisering zo snel en neemt ze zo’n omvang aan als in Duitsland. Dat gaat gepaard met een enorm investeringsprogramma dat ten koste dreigt te gaan van de sociale welvaartsstaat. En laat het nu net de sociale onvrede zijn die de sterke groei van extreemrechts in het land in de hand werkt. Het perspectief dat extreemrechts aan de macht komt, zittend op een berg wapens, baart andere Europese landen zorgen. De vrees is ook groot dat het politiek evenwicht in het gedrang komt als de Duitse economische dominantie een militair verlengstuk krijgt.

De verkiezingsuitslag in de Duitse deelstaat Saksen-Anhalt was voorspeld, maar kwam toch als een schok omdat de winst van de AfD (43,8% van de stemmen) van een nooit eerder geziene omvang is. Onrustwekkend ook omdat Ulrich Siegmund, de lokale partijleider, zich laat omringen door controversiële extreemrechtse figuren en regelrechte neonazi’s. Volgens de binnenlandse veiligheidsdienst is ‘Alternative für Deutschland’ (AfD) “bewezen rechts extremistisch” en is haar partijprogramma in strijd met basisbeginselen van de democratische rechtsorde. In Mecklenburg-Vorpommern, een andere Duitse deelstaat van de voormalige DDR voorspellen peilingen over de verkiezingen op 20 september 2026 ook een hoge score voor de AfD. Met naar verwachting rond de 36% is dat iets minder uitgesproken dan in Saksen-Anhalt, maar ze wordt daarmee ook in deze deelstaat veruit de sterkste partij.

Hoewel AfD vooral in het voormalige Oost-Duitsland hoog scoort, is de extreemrechtse partij ook nationaal aan een opmars bezig. Tijdens de verkiezingen voor de Bondsdag op 23 februari 2025 verdubbelde de partij haar score tot 20,8% van de stemmen. Volgens recente peilingen is het electoraal gewicht van de AfD verder toegenomen. Met 28% zou ze de grootste partij zijn en verdringt ze de CDU naar de tweede plaats. De verkiezingsuitslag in een relatief kleine deelstaat moet bijgevolg ook nationaal worden gelezen als een uiting van groeiende onvrede over het beleid dat in Berlijn wordt gevoerd. Het oordeel van het Duitse weekblad Der Spiegel is hard: Bondskanselier Merz heeft niets te bieden. Hij is de “verkeerde man voor dit ambt in deze tijd”. De politieke toekomst van deze regeringsleider en miljonair oogt dus uitermate onzeker, temeer omdat Merz enkele jaren geleden nog beweerde dat hij in staat was om de steun voor AfD te halveren. Na 16 maanden kanselierschap is hij daarin duidelijk mislukt.

Het is voer voor analisten om te ontrafelen waarom AfD het zo goed doet in een land met de duistere geschiedenis van de nazi-dictatuur. Behalve haar vaak ronduit racistische standpunten over migratie, speelt de afkeer van gevestigde partijen een belangrijke rol, zeker in het vroegere Oost-Duitsland. Daar spelen nog altijd de naweeën van de ‘Wiedervereinigung’ (de hereniging van West- en Oost-Duitsland op 3 oktober 1990), die niet zijn verteerd. De lonen liggen er lager, er is meer economische onzekerheid en mensen die het al niet breed hebben kampen met stijgende energie- en consumptieprijzen. Veel jongeren trekken weg naar economisch sterkere regio’s en laten een verouderde bevolking achter, zoals dat het geval is in Saksen-Anhalt waar het bevolkingsaantal jaar na jaar krimpt. De perceptie is alleen maar gegroeid dat de politieke elite geen antwoord heeft op de verslechterde sociaaleconomische situatie bij een deel van de bevolking. De AfD wordt er slapend rijk van en is er met succes in geslaagd zich op te werpen als dé anti-establishmentpartij en als partij van het volk.

‘Schuldenbremse’

Bij de start van de huidige grote ‘zwart-rode coalitie’ van de christendemocratische CDU en de sociaaldemocratische SPD in de lente van 2025 werd meteen duidelijk dat -ondanks het succes van AfD- de prioriteiten van Berlijn elders lagen dan bij de sociaaleconomische onvrede. De focus lag daarentegen op het afwenden van een (veronderstelde) Russische dreiging en de noodzaak om binnen de NAVO een grotere “verantwoordelijkheid” op te nemen op het ogenblik dat Europa niet langer kan rekenen op de Verenigde Staten voor zijn veiligheidspolitiek.

Tot voor kort was de Duitse dominantie op het continent gebaseerd op zijn economische en financiële machtspositie. Voor de huidige politieke generatie, die veel minder last heeft van het bezwaard Duitse oorlogsverleden, was de tijd rijp om ook militair een leidende positie in te nemen. Daarvoor haalt de regering het groot geschut boven.

Na de verkiezingen van 23 februari 2025 legde de regering van Bondskanselier Merz een versoepeling van de ‘Schuldenbremse’ (de grondwettelijke regel die de overheid beperkt in hoeveel nieuwe schulden ze mag maken) ter stemming voor in het parlement (de Bondsdag). Dit moest grote militaire investeringen mogelijk maken naast investeringen in de infrastructuur. Om zeker te zijn van een tweederdemeerderheid liet de regering Merz de stemming doorgaan in de uittredende Bondsdag (die nog ontbonden moest worden), voor de openingszitting van de nieuwe Bondsdag, waarin de AfD en Die Linke een blokkeringsminderheid konden vormen.

In de praktijk creëerde de Bondsregering twee financieringspakketten. Een infrastructuurpakket van 500 miljard voor investeringen in wegen, spoorwegen, het energienetwerk, scholen en klimaat. Daarnaast creëerde het een militair pakket dat in principe geen bovengrens meer heeft en vele tientallen miljarden moet vrijmaken voor wapens, kazernes en meer personeel. Zelfs het omvangrijke algemene infrastructuurpakket wordt gezien als een bijdrage aan het militaire. In de woorden van Volker Wissing, de voormalige minister van Transport: “Als de NAVO troepen verplaatst maakt ze vaak gebruik van Duitse straten en spoorwegen”.

Grootste conventionele leger van Europa

Wat volgt is dat Duitsland sinds het aantreden van de regering Merz bezig is met de grootste militaire opbouw sinds de Tweede Wereldoorlog. Dat gaat gepaard met gespierde taal. In mei 2025 verklaarde Merz voor de Bondsdag: “De federale regering zal alle financiële middelen ter beschikking stellen die de Bundeswehr nodig heeft om het sterkste conventionele leger van Europa te worden”. Hij drukte daarnaast ook zijn “onvoorwaardelijke” steun uit voor Oekraïne.

Het budgettaire traject is bijzonder steil. Beide coalitiepartijen kwamen overeen om de NAVO-norm van 3,5% van het bruto binnenlands product (BBP) voor direct militaire uitgaven al in 2029 te realiseren, hoewel binnen de NAVO is afgesproken dat deze norm pas in 2035 moet worden bereikt. Deze zomer is de regering overeengekomen dat de militaire uitgaven in 2027 moeten stijgen naar 109 miljard euro, wat een kwart hoger is (plus 27 miljard euro) in vergelijking met 2026. Als daar nog eens de militaire steun aan Oekraïne (11,6 miljard euro) en andere veiligheidsuitgaven worden bijgeteld gaat het om 130 miljard euro. Ter vergelijking: in 2015 bedroegen de militaire uitgaven 35,9 miljard euro. Op goed tien jaar tijd is dat budget dus meer dan verdrievoudigd.

Om het gat in de begroting te dichten, besliste de Bondsregering om de belasting op alcohol te verhogen en vooral om te bezuinigen op sociale uitkeringen. Merz hamert er al sinds zijn aantreden op dat de sociale welvaartsstaat moet worden “hervormd”. “De verzorgingsstaat zoals we die vandaag de dag kennen, kan niet langer worden gefinancierd met wat we in de economie produceren”, aldus de Bondskanselier in een toespraak in de zomer van 2025 voor een bijeenkomst van de CDU. De bondskanselier benadrukt dus zelf dat wat wel kan voor het leger, niet mogelijk is voor de sociale welvaartsstaat. Merz, die zelf miljonair is geworden met goed betaalde bestuursmandaten en juridische opdrachten voor grote privébedrijven, heeft altijd benadrukt dat het tekort op de begroting -dat dus sterk zal aangroeien omwille van de militaire uitgaven- vooral moet gedicht worden met besparingen in de sociale zekerheid eerder dan met nieuwe belastingen.

Toch zou het begrotingstekort voor de jaren vanaf 2028 verder oplopen tot ongeveer 109 miljard euro. Dat kan ook niet anders. Het financieel plan van deze zomer voorziet dat de militaire uitgaven in 2030 naar 183,7 miljard euro moeten stijgen. Dat zou betekenen dat in dat jaar een derde van de Duitse begroting gereserveerd wordt voor militaire uitgaven en het tekort deels gefinancierd wordt door grote schulden aan te gaan.

Nieuwe defensiestrategie focust op ‘Russische dreiging’

Die forse middelen zijn nodig om het strategisch plan van de Duitse minister van Defensie Boris Pistorius (SPD) van april 2026 uit te voeren. Zijn plan ziet Rusland als de belangrijkste bedreiging en hanteert een aantal scenario’s voor mogelijke Russische aanvallen tegen NAVO-gebied. Pistorius weigert om de details voor die Russische dreiging mee te geven -“omdat Moskou meeluistert”- maar de vondst begin augustus van een gewapende drone met ontsteker vlakbij een Oekraïens vrachtvliegtuig met munitie bestemd voor Oekraïne op de luchthaven van Leipzig, komt in dat opzicht niet ongelegen.

De Duitse regering beweert over aanwijzingen te beschikken dat Rusland achter de aanslag zit, maar geeft de informatie waarop die beschuldiging is gebaseerd (vooralsnog) niet vrij. Het voorval wakkert de oorlogshysterie alleszins aan. De toonaangevende conservatieve Duitse krant, de ‘Frankfurter Allgemeine’, noemt oproepen tot ‘bewijs’ dat Rusland de dader is “slechts semantiek” en vindt dat “de wereldgeschiedenis geen tijd heeft voor het Duitse rechtssysteem”. Het “uur van de afschrikking” is aangebroken, aldus de krant nog. De titel van het editoriaal hierover is veelzeggend over de politieke sfeer die in Duitsland wordt gecreëerd: “De drone op de luchthaven van Leipzig was een Russische aanval op Duitsland. Wie dat niet hardop zegt, speelt het spel van Poetin mee.” Enige behoedzaamheid is nochtans op zijn plaats sinds gebleken is dat niet Rusland, zoals aanvankelijk in Duitse en westerse media werd beweerd (zie ook hier), maar een Oekraïens commando achter de aanslag op de Nord Stream-pijpleiding in de Baltische Zee zat.

Hoe het ook zij, de Duitse regering ziet in het incident in Leipzig de bevestiging van de strategische lijnen die Pistorius in zijn plan al uittekende. Deze SPD-minister wil prioritair inzetten op “diepe precisie-aanvallen”, luchtverdediging tegen hypersonische raketten en drones. Het aantal troepen wordt sterk uitgebreid van 186.000 vandaag naar 260.000 over tien jaar. De reservetroepen moeten opgetrokken worden naar minstens 200.000 soldaten tegenover 60.000 vandaag. Alles samen zou het gaan om een strijdmacht die 460.000 militairen kan mobiliseren in crisis- of oorlogstijd. Om aan dat aantal te komen voert de regering de legerdienst weer in die “om te starten” vrijwillig is, maar eventueel verplicht kan worden als de doelstellingen niet worden gehaald.

De conclusie is snel getrokken. Terwijl de uitbouw van het militair apparaat voortaan -anders dan voor sociale uitgaven- gefinancierd zal worden met leningen, wordt het gat in de begroting gedicht door een vermindering van de werkloosheidsuitgaven, het inkrimpen van de gezondheidsverzekeringen en hervormingen van het pensioensysteem.

AfD wil een ‘trots’ en sterk leger, maar niet voor internationale opdrachten

Het is net daar dat AfD veel garen bij spint, hoewel de partij op zich niet afkerig is van de uitbouw van een krachtig Duits militair apparaat. Ze presenteert evenwel een opvallende mix van traditioneel ‘linkse’ en ‘rechts-nationalistische’ standpunten. Volgens de extreemrechtse partij heeft Duitsland zich onnodig laten meeslepen in een confrontatiestrategie met Rusland die handenvol geld kost. Niet alleen door miljarden te steken in wapenleveringen aan Oekraïne, maar ook doordat de economische sancties tegen Rusland veel schade hebben berokkend aan de Duitse economie, vooral door de hogere energieprijzen. De partij pleit niet alleen voor een herstel van de handelsrelaties met Rusland maar vindt ook dat er meer moet worden ingezet op diplomatie.

De AfD verzet zich echter niet tegen hogere militaire uitgaven, wel tegen verkeerde prioriteiten. Volgens de AfD moet het Duitse leger in eerste instantie instaan voor de verdediging van het grondgebied met slechts beperkte buitenlandse opdrachten. Tegelijk vindt de partij dat zowel leger als wapenindustrie onder vorige regeringen verwaarloosd zijn en wil ze de herinvoering van de dienstplicht. De AfD pleit voor een “trotse”, sterke en goed uitgeruste Bundeswehr. Hoewel de partij tegen de grondwetswijziging stemde die extra schulden voor het militair apparaat mogelijk maakt, staat ze wel achter een aanzienlijke verhoging van het militair budget. Alles samen geen onlogisch standpunt voor een extreemrechtse partij die nationalisme en eigenbelang combineert met militarisme.

Eerste tekenen van ongerustheid bij Europese partners

Het is die combinatie van een sterk opkomend extreemrechts in Duitsland en de ambitie om het sterkste leger van Europa te hebben, die enige ongerustheid opwekt bij andere Europese landen. Het idee dat extreemrechts wel eens de bondskanselier zou kunnen leveren die dan op een berg wapens komt te zitten, roept onvermijdelijk historische herinneringen op. Niet in het minst in Rusland waar politici en media vaak verwijzen naar de Tweede Wereldoorlog en waarschuwen voor de gevaarlijke terugkeer van de militaire grootmacht van weleer. Sinds Duitsland een van de belangrijkste militaire en financiële steunverleners van Oekraïne werd, beschouwt Rusland Berlijn bovendien steeds meer als een van de kernlanden van het westerse front tegen Moskou.

Ook elders in Europa worden de Duitse militaire plannen met de nodige argwaan gevolgd. Polen uit geen fundamentele bezwaren zolang Duitsland vasthoudt aan zijn harde anti-Russische koers. Evenwel groeit in Warschau de bezorgdheid over “de groeiende druk in Berlijn om terug te keren naar business as usual na de oorlog in Oekraïne”, zoals een voormalige Poolse diplomaat het verwoordde. Die bekommernis wordt gedeeld door de Poolse minister van Buitenlandse Zaken Radosław Sikorski. “We willen dat Duitsland, onder democratisch leiderschap en als grootste economie van Europa, een sterke rol speelt bij het waarborgen van onze gemeenschappelijke veiligheid”, zo verklaarde hij in de Duitse krant ‘Handelsblatt’. “Maar we herinneren ons maar al te goed waar een herbewapend Duitsland in handen van een extreemrechtse, pro-Russische partij toe kan leiden, en dat is precies wat de AfD vertegenwoordigt”, zo voegde hij eraan toe. Hij refereerde daarmee aan het Molotov–Ribbentrop Pact (23 augustus 1939), waarin werd afgesproken dat Duitsland het westen van Polen zou bezetten en Rusland het oosten. Op 1 september 1939 vielen Duitse troepen Polen binnen, gevolgd door een Russische inval in het land goed twee weken later. Die herinnering leeft sterk in Polen.

Verstoring van het Europese evenwicht

De opbouw van Duitsland tot een militaire grootmacht dreigt het politieke evenwicht in Europa grondig te verstoren. Jarenlang werd de Duitse financieel-economische dominantie gecompenseerd met de Franse en Britse militaire (en nucleaire) macht. Parijs en Londen zijn daarbovenop -anders dan Duitsland- permanent lid van de VN-Veiligheidsraad. Of zoals het nieuwsmedium Politico het plastisch uitdrukte: “Duitsland zorgde voor de financiën, Frankrijk voor het leger.”

Over enkele jaren zullen de Duitse militaire uitgaven hoger zijn dan die van Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk samen. De ironie van het lot wil dat het voor de Fransen in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog zelfs maar moeilijk denkbaar was dat Duitsland opnieuw een leger zou krijgen. Parijs vreesde (na drie Duitse invasies in 1870, 1914 en 1940) dat een herbewapend Duitsland op termijn opnieuw te machtig zou worden en eiste (en verkreeg) beperkingen op de Duitse bewapening en internationale controlemechanismen, die in de jaren daarop werden versoepeld en uiteindelijk weer wegvielen.

Wapenindustrie

Inmiddels pleit de Franse president Macron al van bij zijn aantreden als president voor een Europese strategische autonomie. Dat werd inmiddels officieel EU-beleid en kreeg een hoofdzakelijk militaire invulling met onder meer de lancering van het ‘ReArm Europe’-project dat op vier jaar tijd 800 miljard euro aan militaire investeringen in de EU-landen voorziet. Wat Macron wellicht niet bedoeld had met zijn ‘strategische autonomie’ is dat het een zwaar Duits accent zou krijgen. Temeer omdat het erop lijkt dat Duitsland niet zozeer voor Europa bewapent, maar vooral voor zichzelf.

Frankrijk is daarnaast bezorgd dat het Duitse bewapeningsprogramma de wapenindustrie van dat land zo goed zal bedienen dat het de Franse wapenindustrie in de schaduw zal zetten en een geduchte concurrent kan worden op de internationale wapenmarkt. Duitsland plant om tegen eind 2026 voor 83 miljard euro aan wapencontracten te tekenen en de wenslijst van de Bundeswehr op langere termijn is goed voor nog vier keer zoveel.

Voor Armin Papperger, de CEO van Rheinmetall, het grootste Duitse wapenbedrijf, is dat het mooiste geschenk dat hij kan krijgen. Papperger heeft in de loop der jaren zijn politieke invloed sterk uitgebreid en verhult zijn enthousiasme over de Duitse militaire opbouw allerminst. “Ik ben zeer tevreden over onze minister van Defensie, en ik ben ook zeer tevreden over wat de bondskanselier op dit moment doet”, zei hij tijdens de inhuldiging van een nieuwe munitiefabriek eind juli 2025. De jaaromzet van Rheinmetall is tussen 2014 en 2025 verdubbeld (van 4,7 miljard euro naar 9,93 miljard euro in 2025). Hij verwacht dat de omzet in 2027 zal groeien naar 20 tot 25 miljard euro om in 2030 de grens van 50 miljard te bereiken. Dat zou van Rheinmetall een van de grootste wapenbedrijven ter wereld maken.

Rheinmetall en andere wapenbedrijven voeren een actieve lobbypolitiek in Berlijn en de vraag is in welke mate ze invloed uitoefenen op de militaire plannen. Merz zelf ziet in de ontwikkeling van de militaire industrie de versterking van een strategische sector die niet alleen van eigen nationale bestellingen, maar ook van wapenleveringen aan Oekraïne moet kunnen genieten. Daar wordt niet geheimzinnig over gedaan. Afgelopen week verklaarde de Duitse minister van Buitenlandse Zaken Johann Wadephul dat Berlijn wapens zal blijven leveren aan Oekraïne. Naar eigen zeggen bracht hij eerder volgende boodschap aan president Zelensky: “Ik moet dit ook aan de Duitse belastingbetalers uitleggen, en het minste wat u kunt doen, is ervoor zorgen dat de Duitse defensie-industrie bij alle aanbestedingsactiviteiten wordt betrokken.” Hij vervolgde: “Op dit moment zijn we niet helemaal tevreden met het aantal orders dat we in Duitsland binnenkrijgen”.


Iets fouts of onduidelijks gezien op deze pagina? Laat het ons weten!

Land

Zonder kritisch middenveld, geen gezonde democratie!

De Vlaamse regering is met de botte bijl door de structurele subsidie van Vrede vzw gegaan. Vanaf 2026 moeten we het doen met meer dan de helft minder dan verwacht. Dit brengt onze algemene werking in gevaar! Een kritische, antimilitaristische tegenstem is vandaag nochtans meer dan nodig. Stel ons in staat om de strijd voor vrede en rechtvaardigheid voort te zetten!

Campagne

banner

Stop Militarisation

Meer wapens maken de wereld gevaarlijker! Stop de groei van de militaire uitgaven en de militarisering van onze samenleving!

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze digitale nieuwsbrief.