Nederland, Finland en het Verenigd Koninkrijk willen tegen 2027 een Europese militaire bank oprichten. Dit voorgestelde financieringsmechanisme moet gezamenlijke militaire projecten ondersteunen en de verdere militarisering van Europa versnellen. Het plan kadert in een bredere trend waarbij militaire uitgaven structureel worden opgedreven en steeds meer worden georganiseerd via nieuwe financiële en multilaterale structuren.
De nieuwe militaire bank zou functioneren op een manier die vergelijkbaar is met bestaande multilaterale financiële instellingen. Het is de bedoeling dat Europese landen kapitaal inbrengen, dat fungeert als garantie voor het uitgeven van obligaties op de financiële markten. Met de opbrengst daarvan kan de bank vervolgens financiering verstrekken voor gezamenlijke militaire projecten, aanbestedingen en wapenaankopen. De uit te geven militaire obligaties moeten een aantrekkelijke beleggingscategorie worden voor beleggers. Door deze constructie wordt privaat kapitaal, bijvoorbeeld van pensioenfondsen, actief betrokken bij de financiering van de wapenindustrie.
De middelen van de bank zouden niet alleen naar grote militaire projecten gaan, maar ook naar delen van de toeleveringsketen waar opschaling moeilijk is, met name bij kleine en middelgrote ondernemingen. Op die manier wordt de volledige militaire industrie -van grote producenten tot kleinere leveranciers- structureel ondersteund en uitgebreid.
Daarnaast is het de bedoeling dat de bank leningen verstrekt aan deelnemende landen voor gezamenlijke militaire aankopen. Dit moet volgens de initiatiefnemers leiden tot meer efficiëntie en een versnelde en nauwere samenwerking tussen Europese strijdkrachten. In de praktijk betekent dit echter vooral een verdere intensivering en normalisering van bewapening op Europees niveau.
Dit nieuwe financieringsmechanisme vormt een aanvulling op bestaande initiatieven zoals ‘ReArm Europe/Readiness 2030’, een investeringsprogramma van 800 miljard euro in de Europese wapenindustrie. Daarbinnen maakt het programma ‘Security Action for Europe’ (SAFE) -goed voor 150 miljard euro- het al mogelijk voor EU-lidstaten om leningen aan te gaan voor militaire doeleinden. Waar SAFE echter alleen toegankelijk is voor EU-landen, zou de nieuwe militaire bank ook openstaan voor niet-EU-landen zoals het Verenigd Koninkrijk en Turkije, waardoor de militariseringsagenda verder wordt uitgebreid buiten de grenzen van de Unie.
Het doel is in de woorden van de Finse minister van Financiën “duidelijke complementariteit met bestaande EU- en NAVO-initiatieven". Het gaat om het verder opschroeven van de militaire uitgaven. Door militaire investeringen te organiseren via deze militaire bank zouden Europese landen voor hun militaire uitgaven ook minder afhankelijk worden van hun nationale begrotingen, wat de drempel voor extra bewapening verder verlaagt.
De bank gaat net zo werken als de Europese Investeringsbank of de Europese Bank voor Herstructurering en Ontwikkeling, "maar met een specifieke focus op defensie", aldus de initiatiefnemende landen. Net als bij andere multilaterale banken groeit het kapitaal van de militaire bank als ze winst maakt. Dat kapitaal kan dan opnieuw worden ingezet om extra leningen te verstrekken, waardoor een zichzelf versterkend systeem ontstaat dat de groei van de militaire sector blijft aanjagen.
De oprichting van deze bank illustreert hoe militaire uitgaven steeds dieper worden verankerd in financiële en economische structuren. Wat wordt gepresenteerd als efficiënte samenwerking en versterking van de veiligheid, betekent in de praktijk een verdere institutionalisering van militarisering.
De Nederlandse minister van Financiën, Eelco Heinen, benadrukte dat de geplande militaire bank openstaat voor andere landen en nodigt "met name onze westerse bondgenoten uit om zich hierbij aan te sluiten“.
De gevaarlijke Europese militariseringstrein dendert onverminderd voort.