Op maandag 13 april bedreigde VS-president Donald Trump Iraanse schepen die zich rond de Straat van Hormuz zouden wagen met “hetzelfde dodelijke systeem dat we gebruiken tegen de drugsdealers op boten in de zee”. Daarmee verwees hij naar de bombardementencampagne die het VS-leger in september vorig jaar lanceerde tegen van drugssmokkel verdachte boten in de Caraïbische Zee en de oostelijke Stille Oceaan.
Deze bombardementen in internationale wateren, waarbij bemande civiele vaartuigen zonder waarschuwing worden opgeblazen, vormen een zware schending van het internationaal recht. Ze lokten onmiddellijk veel verontwaardiging en veroordelingen uit. Mensenrechtenorganisaties als 'Human Rights Watch' en 'Amnesty International' bestempelen ze als “moordcampagnes” en “buitengerechtelijke executies”, en verschillende VN-organen en vertegenwoordigers riepen Washington op om deze “onaanvaardbare” operaties onmiddellijk te staken. Zo drong de Hoge Commissaris van de VN voor de Mensenrechten, Volker Türk, er meermaals bij de VS op aan om “buitengerechtelijke executies van mensen aan boord van deze boten te voorkomen, ongeacht het strafbare gedrag waarvan zij worden beschuldigd”. Drugssmokkel in internationale wateren is per definitie een criminele kwestie die moet worden afgehandeld door politie, kustwacht en justitie.
De VS-regering -die overigens weigert enig bewijs te leveren dat de geviseerde boten effectief betrokken waren bij drugstrafiek- negeerde al deze kritiek en zette haar moordcampagne ongestoord voort. Haar redenering luidt dat het land verwikkeld is in een gewapend conflict met internationale drugskartels, die officieel gelijkgeschakeld worden met terroristische organisaties als Al-Qaeda, wat militaire actie rechtvaardigt. De VS-autoriteiten hebben het dan ook systematisch over “narcoterrorisme”.
De verontwaardiging over Trumps oorlog tegen deze zogenaamde ‘narcoterroristen’ werd vrij snel overschaduwd door zijn andere schokkende acties op het internationale toneel. De aandacht van de wereld werd bijvoorbeeld opgeëist door dreigingen met militaire interventies, de ontvoering van de Venezolaanse president, de verstikkende economische blokkade tegen Cuba en uiteraard de lancering -samen met Israël- van de illegale agressieoorlog tegen Iran. De bombardementencampagne tegen zogenaamde drugsboten hield in de achtergrond echter gewoon aan.
Enkele uren nadat Trump afgelopen maandag Iraanse schepen dreigde te bombarderen, sloeg het VS-leger nog maar eens toe in de Stille Oceaan. Bij deze recente aanval -die net als de voorgaande schaamteloos en triomfantelijk op sociale media werd gepost- kwamen minstens twee mensen om. Amper twee dagen eerder vielen nog vijf doden bij een gelijkaardige dubbele aanval. En ook eergisteren, dinsdag 14 april, kondigde het VS-leger een "dodelijke kinetische aanval" aan in de oostelijke Stille Oceaan, waarbij vier opvarenden het leven lieten. Het dodental als gevolg van de wetteloze reeks bootbombardementen staat ondertussen op minstens 174.
Straffeloosheid
De herhaalde oproepen van de VN, juristen en mensenrechtenorganisaties om een onafhankelijk en transparant onderzoek op te starten, leidden een maand geleden eindelijk tot een eerste hoorzitting bij de Inter-Amerikaanse Commissie voor de Rechten van de Mens (IACHR) -een permanent, autonoom orgaan van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) die de mensenrechten moet beschermen en bevorderen- over de rechtmatigheid van VS-aanvallen op boten in het Caraïbisch gebied en de schade die ze toebrengen aan gemeenschappen in heel Latijns-Amerika.
De ‘American Civil Liberties Union’, het ‘Center for Constitutional Rights’, de ‘International Crisis Group’ en VN-mensenrechtenexperts zetten tijdens de hoorzitting uiteen hoe het beleid van de VS zowel het nationale als het internationale recht schendt. De woordvoerder van het VS-ministerie van Buitenlandse Zaken, Tommy Pigott, reageerde misnoegd en beweerde dat de IACHR "ver buiten haar mandaat en bevoegdheden is getreden" door voorgelegde zaak te horen. Hij werd bijgetreden door verschillende andere vertegenwoordigers van de VS-regering. Pigott spoorde de commissie met klem aan om haar “focus te verleggen naar de individuele verzoekschriften die al jarenlang op de plank liggen, soms zelfs decennia”.
Voormalig voorzitter van de IACHR, Juan Méndez -die de bombardementencampagne van de VS “een duidelijk geval van moord” noemt- waarschuwde afgelopen maandag op het online onderzoeksplatform ‘The Intercept’ dat druk van de Trump-regering het orgaan ervan zou kunnen weerhouden om de acties van het Pentagon effectief te onderzoeken. Het zou zich de “toorn” van de VS-president niet op de hals willen halen.
Stuardo Ralón, de huidige voorzitter van de IACHR, ontkent dat er sprake is van druk, al bevestigde hij aan The Intercept dat er na de hoorzitting van maart nog geen stappen zijn ondernomen om een onderzoek naar de aanvallen in te stellen. Hij beweert dat de commissie “de situatie zal blijven volgen in overeenstemming met haar mandaat”. Er wordt gevreesd dat de dreiging van bijkomend fondsenverlies de IACHR beïnvloedt.
Tijdens zijn eerste ambtstermijn verminderde president Trump de financiële bijdragen van de VS aan de commissie al aanzienlijk in een context van politieke spanningen over onder meer erkenning van abortusrechten. Vorig jaar bevroor of heroriënteerde de VS-regering bovendien de financiering van tal van programma’s van de regionale koepelorganisatie waaronder de IACHR valt, de OAS, en waarvan de VS voorlopig nog de grootste financier is.
Te midden van de (inmiddels kenmerkende) oorverdovende stilte of uitgesproken terughoudendheid van internationale politieke leiders ten aanzien van de VS, hebben slechts enkelen zich veroordelend of kritisch uitgelaten over de systematische dodelijke aanvallen op civiele vaartuigen in de Latijns-Amerikaanse wateren, waaronder de Colombiaanse president Petro en zijn Mexicaanse collega Sheinbaum. Zowel de opdrachtgevers als de uitvoerders van dit beleid zouden in aanmerking komen voor vervolging wegens moord, maar de internationale straffeloosheid rond de Trump-regering duurt genadeloos voort.