Image
EU

Shutterstock.com

Het Europees Parlement: rechtser en conservatiever
Artikel
5 minuten

Nog niet alle Europese cijfers zijn definitief, en vooral waar sommige verkozenen onderdak zullen vinden, in welke Europese politieke fractie, daarover wordt vanaf deze week flink onderhandeld. Maar de trends zijn duidelijk.

De grootste politieke winnaars zijn de conservatieven, en zeker die van Duitsland. De fractie in het Europees Parlement van christendemocratische en conservatieve partijen, de Europese Volkspartij (EVP), was al de grootste en doet er nu nog een flinke hap bij. Wellicht halen ze 185 zetels.

Op nummer twee komen nog steeds de sociaaldemocraten van de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten (S&D), met een licht verlies. Deze Europese fractie strandt wellicht op 135 zetels. Opvallend hier is het verlies in Duitsland, waar de 'Sozialdemokratische Partei Deutschlands' (SPD) van Kanselier Scholz slechts 16% van de stemmen haalt, zowat de helft van de christendemocratische/conservatieve oppositie die 31,8 % binnenrijft. Ook in Spanje halen de conservatieve christendemocraten van de Partido Popular meer dan de socialistische regeringspartij.

De liberalen van de 'Renew Europe'-fractie eindigen op drie, met een flink verlies van rond de 20 zetels, o.m. omdat het Spaanse 'Ciudadanos' van de kaart is geveegd. De liberalen komen uit op ongeveer 80 zetels in het Europees Parlement. Opvallend hier is ook het verlies van de partij van de Franse president Macron, die nauwelijks 14,5% van de stemmen haalde, minder dan de helft van het uiterst rechtse 'Rassemblement national' van Jordan Bardella/Marine Le Pen (31,5 %).

Op vier komt de uiterst rechtse fractie van Europese Conservatieven en Hervormers (ECR), waarin ook de Vlaamse N-VA zetelt, net als de 'Fratelli d’Italia' (FdI) van Giorgia Meloni en het Spaanse 'Vox'. Ze komen uit op 73 zetels in het Europees Parlement.

Op vijf ten slotte het eveneens uiterst rechtse Identiteit en Democratie (ID), met 58 zetels. Deze Europese fractie omvat het Vlaams Belang, het Rassemblement national van Le Pen, en de 'Freiheitliche Partei Österreichs' (FPÖ), dat in Oostenrijk de grootste partij werd. FPÖ pleitte er al voor om het Duitse 'Alternative für Deutschland' (AfD) weer op te nemen in de fractie. De uiterst rechtse populisten van AfD haalden 16% van de stemmen en worden daarmee de tweede grootste partij van het land!

De kleinste Europese fractie blijft die van Links -GUE/NGL, wellicht met een status quo, hoewel het nog niet duidelijk is waarbij de Duitse partij rond de ex-politica van 'Die Linke', Sahra Wagenknecht -'Bündniss Sahra Wagenknecht'- zich met haar 6% zal aansluiten. De Belgische PVDA haalde twee zetels. Vooral de linkse Scandinavische partijen binnen deze fractie deden het goed.

Tenslotte zijn er een kleine honderd parlementsleden die nog nergens thuishoren: 46 die onder de niet-fractiegebonden leden vallen en 52 ‘andere’, nl. verkozenen van partijen die nog niet vertegenwoordigd waren in het Europees Parlement. Vandaar dat de cijfers nog niet definitief kunnen zijn.

Twee voorlopige besluiten

Deze verkiezingen hebben niet enkel gevolgen voor de Europese Unie, maar ook voor de nationale regeringen. Onder meer de Duitse, Franse, Spaanse, Deense, Maltese en Estse regeringen komen verzwakt uit de verkiezingen. Ook de partij van premier Viktor Orban verloor, maar blijft wel de grootste in Hongarije. Orban zou in het Europees parlement nu willen aansluiten bij de ECR-fractie.

In Duitsland hebben alle drie de regeringspartijen verloren, de SPD haalt nauwelijks 16%, de liberale 'Freie Demokratische Partei' (FDP) zakt tot nipt boven de kiesdrempel van 5%, en de Groenen halen eveneens niet meer dan 8% (in 2019 kregen ze nog bijna 18% van de stemmen!). De christendemocraten van voorzitter van de Europese Comissie, Ursula von der Leyen, behaalde meer dan 30%!

In Frankrijk gooide president Macron de handdoek in de ring. Hij besliste dat er nog deze maand vervroegde Parlementsverkiezingen komen, die zijn partij wellicht niet kan winnen. Alle partijen zijn in paniek. Aan de linkerzijde worden vooral weer oproepen gehoord om te zorgen voor eenheid, maar of dat op drie weken kan lukken, is allesbehalve zeker. 

De Franse sociaaldemocraten met aan het hoofd Raphaël Glucksmann deden het niet slecht, ze haalden 13,8% van de stemmen. Het linkse 'La France Insoumise' van Mélenchon haalde 9,9%, en de rechtse conservatieven van Les Republicains 7,2%. Naast de hoge score van Bardella/LePen moet ook nog de 5,5% van het uiterst rechtse 'Reconquête' (Zemmour/Maréchal) worden geteld. Macron hoopt met nieuwe parlementsverkiezingen te redden wat er te redden valt, omdat hij sowieso geen meerderheid had in de Assemblée national, en hij de resterende drie jaar van zijn mandaat als een ‘lame duck’ zou moeten regeren. Zijn invloed is echter ongetwijfeld sterk afgezwakt.

Een conservatieve meerderheid

Op Europees vlak is het besluit vrij eenvoudig. De drie fracties die in het oude Parlement de meerderheid uitmaakten -EVP, S&D en Renew Europe- vergroten samen hun marge en halen wellicht meer dan 400 zetels. 

De Duitse christendemocrate Ursula von der Leyen heeft dus -althans in het Europees Parlement- niets te vrezen. Haar positie (als voorzitter van de Europese Commissie) is er zonder meer versterkt, evenals in de Europese Raad. Het is niet president Macron die haar zal kunnen tegenhouden. Ze heeft binnen de Europese Volkspartij (EVP) ook niet langer behoefte aan Giorgia Meloni, die rustig kan blijven waar ze is (de ECR-fractie). 

Meloni’s partij FdI haalde 28% (tegenover 6,4% in de Europese verkiezingen van 2019!). Misschien zou Meloni liever naar de EVP-fractie verhuizen, maar of ze in deze omstandigheden welkom is, is maar de vraag. Hoe dan ook hebben de sociaaldemocraten laten weten dat ze binnen het Europees Parlement niet voor een meerderheid willen zorgen als ook uiterst rechts daarbij zit.

Of er een grote nieuwe extreemrechtse fractie zit aan te komen in het Europees Parlement is zeer twijfelachtig. 

In de sociaaldemocratische fractie tenslotte ziet het ernaar uit dat de Italiaanse delegatie groter wordt dan de Spaanse. Vooruit haalde twee zetels, net als de Parti Socialiste in Franstalig België.

Deze week nog beginnen de onderhandelingen binnen de EU over de fracties én over de hoge ambten die moeten ingevuld worden. De Oost-Europese landen organiseren op 11 juni een top in Letland om hun prioriteiten, o.m. inzake veiligheid, te bespreken, en eind van de week wordt een G7-top gehouden. Voor het voorzitterschap van de Commissie en de Europese Raad zijn zowel Ursula von der Leyen als Mario Draghi (Italië) en Antonio Costa (Portugal) in de running. Maar witte konijnen zijn nooit volledig uit te sluiten.

Dit artikel verscheen ook op Uitpers.


Iets fouts of onduidelijks gezien op deze pagina? Laat het ons weten!

Thema
Land

Nieuwsbrief

Schrijf je in op onze digitale nieuwsbrief.